dinsdag 31 januari 2017

Ingewikkelde akte

Er worden soms aktes opgesteld waarbij je denkt, dit kan toch simpeler. Neem nu de volgende akte in het geboorte register van het jaar 1865 van de gemeente Avenhorn. Ik zal hem letterlijk overnemen waarbij je de doorgehaalde woorden dus niet moet lezen.

Heden den Heden den eenendertigsten Augustus achttienhonderd 
Achttienhonderd  vijfenzstig, is door ons on is voor ons ondergetekende, Ambtenaar derge 
van den burgerlijke stand der gemeente teekende, ambtenaar van den burgelijken 
verschenen stand der gemeente Avenhorn, ingeschreven een bij missi van beroep ve van 
den Minister van Marine in dato negenen oud twintig Augustus jongst- jaren leden 
wonende te letter E, nummero 6, op heden ingekomen acte van geboorte luidende 
welke ons heeft verklaard dat als volgt  
Op den Koninklijk consulaat der Nederlanden voor Zweedens oost- en Zuidkust
des Stockholm den 16 Augustus 1865 ten copie extract uit het jour ure naal gehouden aan
in het huis staande boord van het Nederlandsch te Koog aan de Zaan te hui be-
is geboren een kind van het hoorende Schoonerschip geslacht, uit Maria Cornelia, op 
desselfs reize van Buenoo Aijres naar Stockholm vanaf van beroep 14 April
1865 tot 26 Julij 1865 waarop eene wonende verlossing heeft plaats gevonden, ge-
volgd door het overlijden der moeder luidende de geboorte acte daarin geschre-
welk kind zal genaamd worden ven als volgt:copie Acte van geboorte
Op Maandag den negenen 20ste Meij 1800 vijfenzestig des middags ten twaalf
Zijnde eze inschrijving gedaan op aangifte van ure compareerden voo mij Adrianus
Van Welke verklaring wij deze akte hebben opgemaakt in tegenwoordigheid van Dirk Brinkerink
schipper aan boord van het Nederlandsch te Koog aan de Zaan van beroep te huis
behoorend Schoonerschip Maria oud Cornelia, de personen van Doeke Doekes
jaren, wonende te  Roos oud eenenveertig jaren geomicilieerd te Terschelling
en van Sturrman, Jacobus den Breems oud vijfen 30 jaren gedo-
van beroep micilieerd te Vlaardingen ma- oud troos en Gaamve Gaamve
jaren, wonende te Spanjer oud vijfentwintig jaren gedomicilieerd te Terschelling
en is deze akte na voorlezing door ons mede matroos op genoemd schip welke met mij ver-
klaarde, dat heden morgen ten drie ure na middernacht aan boord van genoemd
schip (was geteekend) zeilende op 24 graden Noor De ambtenaar voornoemd der breedte en
39 1/2 graad lengte west van Greenwich (was geteekend) bevallen is van een kind
van het mannelijk geslacht zullende genoemd worden Adrianus Douwe
Mejuffrouw Trijntje Brinkerink geboren Faber zonder beroep voornoemd 
gedomicilieerd ter Avenhorn.

Dit was geschreven in de ruimte van de onderste akte op et blad, hierna gaat het dus verder op de volgende bladzijde in het bovenste gedeelte waar eigenlijk dus een nieuwe geboorte ingeschreven hoort te worden. Weer met de woorden doorgehaald die gedrukt staan 


Heden den van al het welk te krachtens art. 35 Burg.Wetb. deze acte heb op
Achttienhonderd gemaakt en in tegenwoordigheid is voor ons ondergeteekende ambtenaar van ge-
van den burgerlijke stand der gemeente noemde Comparanten en getuigen en na gedane voor-
verschenen lezing met hen heb geteekend, A,D, Brinkerink schipper van beroepD.D.Roos
stuurman J den Breems matroos G.oud G. Spanjer matros jaren
wonende te Behafs legaliserung der eigenhandigen handzeichnungen, sowahl
welke ons heeft verklaard dat des schiffers A.D.Brinkerink als den zeugen D.D. Roos
op den J den Breems G.G. Spanjer die alle den sachverhalt vor mir nem-
des lich ernent als wahr ten bekraftigten koninkl. ure Niederlanisches consul-
in het huis staande lat zu Stockholm den 16 augustuti 1865 L.S.C.H. Becker consul
is geboren een kind van het Fur die richtige copie geslacht uit Stockholm 17 aug. 1865
(geteekend) C.H.Becker consul, Gezien voor lega;isatie der van beroep handtee-
kening van den Heer Becker wonendehierboven omschreven 's Gravenhage
den 26 Augustus 1865 voor den Minister van Buitenlansche Zaken
welk kind genamd zal worden De Secretaris Generaal (geteekend) A. Uijttenhooven
Gezien voor legalisatie der handtekening van den Heer A. Uijtten-
Zijnde deze inschrijving gedaan op aangifte van hooven Secretaris Generaal bij het Depar
Van welke verklaring wij deze akte hebben opgemaakt in tegenwoordigheid van tement van Buiten
landsche Zaken 's Gravenhage den 29 Augustus 1865 van beroep voor
den Minister van Marine oud de Secretaris Generaal (geteekend)
jaren, wonende te M. Clercq
en van Zijnde deze inschrijving geschied ter voldoening aan artikel 37 van
van beroep het Burgerlijk Wetboek  oud
jaren, wonende te  de Ambtenaar voornoemd
en is deze akte na voorlezing door ons (was geteekend) P, C. Spaans

Het zelfde verhaal staat ook in het overlijdensboek van de burgerlijke stand van Avenhorn
De ambtenaar mocht het dus twee keer overschrijven. Behalve dat in die akte het overlijden van de moeder word beschreven.


I.1            Adrianus Jacobus BRINKERINK, onderwijzer.
Gehuwd met Geesje ALDERS.
Uit dit huwelijk:
1.             Adrianus Dirk BRINKERINK (zie II.1 op blz. ).

II.1          Adrianus Dirk BRINKERINK, zeevarende, rijks havenmeester te Vlissingen, geboren circa 1827.
Gehuwd op 22‑11‑1856 te Obdam met Trijntje FABER, geboren circa 1830 te Obdam, overleden op 04‑06‑1865, dochter van Douwe Jansz FABER, predikant, en Ietske HEIJES.
Uit dit huwelijk:
1.             Dirk Adrianus BRINKERINK, predikant, geboren op 26‑02‑1850 te Obdam.
2.             Adrianus Douwe BRINKERINK, geboren op 20‑05‑1865, aan boord van een schip, overleden op 09‑08‑1865 te Avenhorn, 81 dagen oud.



                                                     
1857


1861
                                    

woensdag 4 januari 2017

Mijn betovergrootvader en betovergrootmoeder

Mijn betovergrootmoeder was Alida (Aaltje) Buijs geboren en R.K. gedoopt in Edam op 1-5-1791 maar ze was geboren in Volendam als dochter van Theodorus (Dirk) Jacobse Buijs en Huibertje Claas Plat, Zij was van de 8 kinderen die mijn oudouders Dirk en Huibertje kregen het 5e kind.
Als Aaltje 21 jaar is krijgt zij haar 1e kind genaamd Christina Schessen waarvan zij zegt, dat  Christiaan Schessen een bloemist uit Haarlem, de vader was. Deze Christiaan ben ik nog nergens tegengekomen. Dit meisje Christina is geboren en gedoopt op  23-01-1813. Dan ontmoet Aaltje de Edammer Arnoldus van Dijk een 21 jarige groenteverkoper uit Edam met wie zij op 29-04-1813 trouwt, 4 maanden later overlijdt haar dochtertje Christina. Met Arnoldus krijgt ze geen kinderen.


Als groenteverkoper verdient Arnoldus waarschijnlijk niet de kost want Aaltje gaat als werkster naar Amsterdam. In 1819/1820 is ze waarschijnlijk weinig of helemaal niet naar huis geweest want op 02-03-1820 krijgt ze een zoon die ze inlaat schrijven als Jacob Cornelis Buis en 6 dagen later legt ze dit kind te vondeling met een briefje waarop zijn naam en geboortedatum staan. Ze kon waarschijnlijk niet thuis komen met een kind als ze al een jaar niet in Edam is geweest. Twee jaar later krijgt zij weer een kind nu een dochtertje Gerarda Buis geboren op 18-11-1820. Dit keer legt ze het niet te vondeling. Maar vertelt niets tegen haar man in Edam want ze geeft het de achternaam Buijs en niet van Dijk. In augustus overlijdt haar man Arnoldus in Edam, Ze is wel naar huis gegaan toen hij overleed voor de begrafenis en voor de dingen in huis die ze kon gebruiken. Een jaar later overlijdt dochtertje Gerarda op 16-12-1822 in Amsterdam. 
Ik weet niet wanneer zij mijn betovergrootvader heeft ontmoet en of die twee kinderen Buis van hem waren, Wel weet ik dat op  25-06-1823 weer dochtertje wordt geboren dit keer met de naam Geertruida Smit ingeschreven in de burgerlijke stand als dochter van Antonie Joseph Smit en Alida Buis, deze dochter wordt 28 jaar en overlijdt ongehuwd. In 1825 wordt mijn overgrootvader Willem geboren 26-06-1825. Als zoon van Antonie en Alida. In 1832 wordt nog een kind geboren dat de achternaam Smit krijgt, Hendricus Wilhelm die 1,5 jaar later overlijdt Als Willem 12 jaar is overlijdt zijn vader. Zijn vader word aangegeven door een zoon Egbert, waarvan ik tot dan nog niet had gehoord. Wat blijkt, Antonie geboren in Breda, is met zijn ouders in Edam beland en daar getrouwd met Maretje Pothoven (1785-1855) met Maretje heeft hij 7 kinderen gekregen, Willem 1808-1808, Harmanus 1809, Egbert 1810, Francina 1812, Wijnanda 1814, Maretje 1818 en Antoni Joseph 1820 bij dit laatste kind was Antoni niet aanwezig en dit kind is daarom ook aangegeven door de vroedvrouw. Waarschijnlijk was hij meer in Amsterdam dan in Edam. 

Vermelding van het Binnengasthuis waar mijn over-overgrootmoeder een paar dagen heeft gelegen

Een gedeelte van het formulier waarop de vondeling vermeld met met de tekst van het briefje dat erbij was. 

De inschrijving van het vondelingetje in Veenhuizen bij de kinderkolonie in 1828 als 6 jarige.

maandag 25 januari 2016

Crime Passionnel.

Crime Passionnel, misdaad uit hartstocht.
Hoewel ik twijfel of hier nog veel hartstocht is in dit huwelijk is het wel degelijk een misdaad in de relatiesfeer. In het krantenbericht word er gesproken van een moordaanslag wat in het vonnis niet te lezen staat, daar lijkt het net of het een toevallige ontmoeting is tussen beide partijen.,

Nicolaas Pover timmerman 28 jaar trouwt met Maartje Beaux 21 jaar op 18 juni 1896.
Nicolaas geboren 15-06-1868 is een zoon van Nicolaas Pover en Catharina Hegemann.
Maartje geboren 13-06-1875 is een dochter van Josephus Beaux en Gerardina Bosbaan
Uit het huwelijk zijn 3 kinderen bekend Nicolaas 1896, Frederik 1899 en Margaretha 1905. In 1917 word de scheiding van het huwelijk uitgesproken.
Een echt goed huwelijk lijkt het me niet, Maartje laat in 1902 haar man en 2 kinderen achter om een paar weken samen te wonen met Hendrik Hummen. Maar ze keert toch weer terug naar Nicolaas.
Hier onder staat het vonnis van de steekpartij toen Nicolaas op weg naar zijn werk Hendrik  op straat tegenkomt.

Vonnis
De Arrondisements-rechtbank te Amsterdam vijfde kamer, rechtdoende in strafzaken:
Gezien de stukken onder welke de dagvaarding, namens den Officier van Justitie op den 30e december 1902 beteekend aan:
Nicolaas Pover, schilder geboren te Amsterdam 18 juni 1868 aldaar wonende Lijnbaansgracht 114 3 hoog.
Gehoord de aanklacht van den Officier van Justitie tegen voornoemde beklaagde, volgens zijn opgaven genaamd
Nicolaas Pover, zoon van Nicolaas Pover en van Catharina Hegemann gehuwd met Maartje Beaux, oud 34 jaren van beroep schilder geboren te Amsterdam en wonende aldaar Lijnbaansgracht 114 3 hoog.
Gehoord de na te melden ter terechtzitting onder ede afgelegde getuige-verklaring;
Gehoord het requisitoir van den Officier van Justitie, daartoe strekkende: dat de beklaagde worde schuldig verklaard aan de feiten hem nij dagvaarding te laste gelegd, daarstellende 
Mishandeling
en dientengevolge veroordeeld tot gevangenschap voor den tijd van 4 maanden met last van teruggave der stukken van overtuiging, na verloop van 8 dagen nadat het vonnis in kracht van gewijsde zal zijn gegaan, aan wie de Rechtbank met name zal aanwijzen.
Gelet op de verdedeging door en namens de bekaagde in het midden gebracht overwegende dat de beklaagde is gedagvaard ter zake dat hij te Amsterdam op de 25 november 1902 op den openbaren weg hoek ten Katestraat en Kinkerstraat moedwillig met een mes of ander scherp voorwerp Hendrik Hummen een bloedende wonde in de borst en eene bloedende wonde in den buik heeft toegebracht, overwegendedat de beklaagde ter te rechtszitting heeft erkend en opgegeven”
Dat hij op den 26e november 1902 des morgens te omstreeks 6½ uur op den  hoek van den Kinkerstraat en de ten Katestraat alhier toevalligerwijze den getuige Hendrik Hummen heeft ontmoet die naar beklaagde bekend was in october 1902 met zijne beklaagde echtgenoote eenige weken in ongeoorloofde verhouding te samen gewoond had, dat naar aanleiding van dit feit tussen beklaagde en Hummen eene woordenwisseling ontstaan is waarbij deze zeide, dat hij (beklaagde) zijne vrouw moest verszeken om hem. Hummen. Met rust te laten, dat beklaagde opgewekt door de onverwachte ontmoeting met dien man en geprikkeld door diens woorden, het ter rechtzitting als S.v.O 1096/2 aanwezige mes dat hij in een schede hangende aan een knoop aan den band van zijn broek bij zich droeg heeft getrokken en daarmede naar Hummen die in zijne onmiddellijke nabijheid stond eene stekende beweging gemaakt en dezen geraakt heeft, waarna het mes op den grond is gekomen.
Overwegende dat ter terechtzitting is verklaard door den getuige en deskundige Dr. A. Snoek: dat hij als arts in het Wilhelmina Gasthuis in den morgen van 26 november 1902 de wacht hebbende, te omstreeks 7½ uur, de getuige H.Hummen ter behandeling heeft gekregen en toen bij deze twee bloedende wonden met gladde randen heeft geconstateerd en wel eene aan de borst rechts van het borstbeen en eene aan den rechterkant van den buik dat die wonden zeer goed kunnen zijn toegebracht met het hem in ----------mes S,v,O1096/2



Overwegende dat door de bekentenis van den beklaagde en de verklaring van den getuige Snoek boven gerelateerd vast staat:
1e dat beklaagde in den morgen van den 26e november 1902 te omstreeks 6½uur, op den hoek van de Kinkerstraat en de ten Katestraat alhier met het ter te rechtszitting als S.v.O 1096/2 aanwezige mes naat Hendrik Hummen eene steekende  beweging gemaakt en deze geraakt heeft.2e dat genoemde Hummen in die morge te omstreeks 7½ uur in het Wilhelmina Gasthuis alhier is gekomen en toen twee bloedende wonden met gladde randen had en wel eene aan den rechterkant van de borst en eene aan de rechterkant van den buik
Overwegende dat er te rechtszitting is verklaard door den getuige H.Hummen: dat in den morgen van 26 november 1902 te omstreeks 6½ uur op den hoek van de Kinkerstraat en de ten Katestraat alhier tusschen hem en den beklaagde eene woordenwisseling is onstaan, waarna deze met een mes in de hand een steekende beweging in de richting  getuige gemaakt en hem aan de rechterkant van de borst en aan dien zelfde kaant aan den buik geraakt heeft, onmiddellijk waarna hij een warm gevoel, als van afloopend bloed, onder zijne kleeren,  die ter terechtzitting als S.v.O 1096/3 aanwezige had.
dat de beklaagde daarna het mes heeft weggeworpen en getuige dit heeft opgeraapt, maar later weer weggeworpen en hij dit ter te rechtszitting als S.v.O 1096/2 aanwezig ziet.
dat getuige zich naar het Wilhelmina Gasthuis begeven heeft en hij daar – na onderweg met niemand in aanraking geweest en niet verwond geraakt te zijn- gezien heeft dat zijne kleeren met bloed bevlekt en door stoken waren – het geen niet het geval was geweest, toen hij dien morgen zijne woning verliet, dat toen in dat Gasthuis zijne buik- en zijne borstwonde zijn verbonden en hij ter verdere verpleging is opgenomen.
Overwegende dat door de booven gerelateerde verklaring van den getuige H.Hummen door de uit dat bewijsmiddel voortvloeiende aanwijzingen en door de boven 1e en 2e genoemde daadzaken, inverband met het daar te rechtbank  (een paar onleesbare woorden) alles in onderlinge verband en samenhang beschouwd het feit aan den beklaagde te laste gelegd, zomede diens schuld daaraan, wettig en overtuigend is bewezen, met dien verstande dat de verwondingen zijn toegebracht met een mes.
Verklaard met dien verstande als wel werd overwogen het feit aan den beklaagde te laste gelegd, alsmede diens schuld daaraan wettig en overtuigend bewezen en dat het aldus bewezene uitmaakt:
Mishandeling
Verklaard den beklaagde schuld aan dat misdrijf.
Gezien de artt 300 van het wetboek van strafrecht 214 - 219 van dat van strafvordering. Veroordeelt voornoemde beklaagde
Nicolaas Pover
Tot gevangenisstraf voor den tijd van 4 maanden
Gelast, behoudens de bepalingen van art 219 van het wetboek van strafvordering, de teruggave van de stukken van overtuiging en wel S.v.O 1096/1 een zwart lederen messenschede aan den veroordeelde, van S.v.O 1096/3 een demi faison overjas, colbertjas, vest, borstrok, flanellen onderhemd en een gezondheidsgordel aan Hendrik Hummen
Gelast de vernietiging van S.v.O 1096/2 een mes als gediend hebbende tot het plegen van een strafbaar feit.
Gewezen door HH. Mrs. G.W. Baron van Imhoff   President Jhr W. C. Quarles van Ufford rechter en P.W. de Koning rechter-plaatsvervanger tegenwoordig in Raadkamer mr J.E. Jacobsen en uitgesproken door G.W. Baron van Imhoff voornoemd, ter openbare terechtzitting van den 27e februari 1903.
Krantenbericht van 28 november 1902 uit De Tijd, Hier word Nicolaas Pover alleen Bolte genoemd. In een ander bericht van de uitspraak in 1903 heet hij wel Pover
De rest van dit artikel kan ik niet vinden. Artikel is uit het Algemeen Handelsblad van 13 februari 1903


dinsdag 31 maart 2015

Kwartierstaat van Alida Dirks BUIJS




Selectie          :  'Personen in kwartierstaat van Alida BUIJS [2513]'
Sortering        :  Kwartiernummer

Generatie I

1              Alida (Aaltje) Dirks BUIJS, baker, werkster, dienstbaar, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 01‑05‑1791 te Edam (getuige(n): Trijntje Claas), overleden circa 1860.
Gehuwd (1) op 21‑jarige leeftijd op 29‑04‑1813 te Edam (getuige(n): Jacob Jonk 43j boer zwage bruid, Cornelis Kaan 56j visventer oom bruid) met Arnoldus (Arie) van DIJK, 22 jaar oud, groenteverkoper, gedoopt (RK) op 08‑04‑1791 te Edam, overleden op 18‑08‑1821 te Edam op 30‑jarige leeftijd.
Samenwonend (2) ca 1820 met Antonie Joseph SMIT, oppasser, bediende, kantoorloper, gedoopt (RK) op 23‑08‑1783 te Bergen op Zoom (getuige(n): Antoinius Josephus Miller, Maria Catharina van Haije), overleden op 22‑04‑1834 te Amsterdam op 50‑jarige leeftijd.
Uit de tweede relatie:
1.             Geertruida, geboren op 25‑06‑1823 te Amsterdam.
2.             Willem, Werkman,, geboren op 26‑06‑1825 om 06.00 uur te Amsterdam (aangifte door: Hendrik Moodaar 34j servetsteeg 25 kruijer,Johannes Paulus Frantze 36j Servetsteeg 19 winkelier), gedoopt (RK) op 26‑06‑1825 te Amsterdam, overleden op 06‑03‑1899 te Amsterdam op 73‑jarige leeftijd, Onze Lievevrouwegasthuis. Willem en Andina woonde eerst in de Rozenstraat 287 (184). Zijn in februari 1865 verhuisd naar de 3e Leliedwarsstraat.
Op zijn militiebriefje staat ‑....dat aan hem vervolgens bij de loting is ten deele gevallen het nummer 2526, 4e kl. hij, als eene onteerende straffe zijnde veroordeeld geweest in de nationale militie niet is toe gelaten.‑
Als hij terugkeerd in Amsterdam word vermeld: van Harderwijk gepasporteerd van Oostindien leger.

Heeft van 16 november tot 30 november 1881 in het Binnengasthuis gelegen en van 2 december tot 23 december 1882 weer.

Ondertrouwd op 19‑04‑1860 te Amsterdam, gehuwd op 34‑jarige leeftijd op 02‑05‑1860 te Amsterdam (getuige(n): Cristoffel de Levi, Willem Hendrik Reuman, Hubertes Onclin en Hendrik Jur) met Andina Dorethea BLEESING, 25 jaar oud, werkster, geboren op 14‑01‑1835 te Amsterdam, gedoopt (RK) op 14‑01‑1835 te Amsterdam, overleden op 25‑02‑1909 te Amsterdam op 74‑jarige leeftijd, dochter van Petrus BLEESING (Bleesink)straatveger, sjouwerman, en Maria Anthonia VERVLOOSEBaker.
3.             Hendricus Wilhelm, geboren op 09‑03‑1832 te Amsterdam.
Kinderen:
4.             Christina, geboren op 23‑01‑1813 te Edam. In het jaar achttien honderd en dertien de 23 van de maand januari des smiddags drie uure is voor ons Maire der gemeente van \edam canton Edam departement van de Zuiderzee \Gecompareerd Johanna Jacoba de Haan oud 45 jaar van beroep stads vroedvrouw, wonende binnen deze stad welke ons heeft verklaard dat op heden middag half drie Aaltje Dirks Buijs van beropep dienstmeijd wonende ten huijse van Lijsje Cornelis Veerman op het Bagijneland in wijk 1 is bevallen van een kind van het vrouwelijke geslacht het welk zij ons voorstelde aan het zelve de voor en toenaam van Christina Schessen gevende. De gemelde verklaring en voorstelling is geschied in tegenwoordigheid van Victoir Berlotee 39 jaar van beroep arbeider en Klaas Grootschoen 39 jaar van beroep boer beide alhier woonachtig. Overleden op 01‑08‑1813 te Edam, 190 dagen oud. In het jaar achttien honderd dertien den eerste van den maand augustus 's morgens ten half twaalf uure zijn voor ons maire officier van den burgelijke staat der gemeente van Edam Canton Edam departement van de Zuiderzee gecompareerd Hendrik Hofman en Harme Hamke goede vrienden. Welke ons hebben verklaard dat heden morgen ten half vijf uuren Christina Schessen dogter van Christiaan Schessen en Aaltje Buijs (in onegt geteeld) oud 27 weken hebbende gewoont in wijk 3 nr 30 is overleden. Dochter van Cristiaan SCHESSEN, bloemist.
5.             Jacob Cornelis BUIS, opperman, stratenmaker, geboren op 02‑03‑1818 te Amsterdam (gezindte: RK), vermoedelijk is dit kind ter vondeling gelegd. Als Jacob trouwt zijn de geboorteplaats en namen ouders onbekend, Wel weten ze dat hij Jacobus Cornelis Buis heet en op 2 maart 1818 is geboren. Op 9 maart word hij ingeschreven als vondeling in het weeshuis. Gevonden op de Utrechtsestraat bij de Prinsengracht.
Gehuwd op 30‑jarige leeftijd op 14‑06‑1848 te Amsterdam met Anna Elisabeth HUIJSMAN, 33 jaar oud, werkster, geboren op 25‑11‑1814 te Amsterdam (gezindte: geref), dochter van Carel Wilhelmus HUIJSMAN en Louisa Elisabeth van VELSEN.
6.             Gerarda BUIS, geboren circa 1820 te Amsterdam, overleden op 16‑12‑1822 te Amsterdam (aangifte door: Willem Smit 24j kleermaker Servetsteeg 28).

Generatie II

2              Theodorus (Dirk) Jacobse BUIJS, schipper, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 22‑05‑1752 te Edam (getuige(n): Grietje Tijmes), overleden op 16‑12‑1797 te Edam op 45‑jarige leeftijd.
Gehuwd met
3              Huibertje CLAAS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 23‑12‑1755 te Edam (getuige(n): Aefje Crelis), overleden op 10‑11‑1797 te Edam op 41‑jarige leeftijd.
Uit dit huwelijk:
1.             Jacobus, gedoopt (RK) op 23‑06‑1779 te Edam (getuige(n): Gaartie Tijmes).
2.             Japik Dirksz, visser, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 25‑05‑1781 te Edam (getuige(n): Gaartie Tijmes), overleden op 21‑12‑1852 te Edam op 71‑jarige leeftijd.
Gehuwd met Jannetje KIEFT, geboren circa 1786 te Edam (gezindte: RK), overleden op 16‑12‑1858 te Edam.
3.             Geertrudis (Geertje), gedoopt (RK) op 14‑05‑1785 te Edam (getuige(n): Trijntie Crelis), overleden op 30‑07‑1820 te Edam op 35‑jarige leeftijd.
Gehuwd te Edam met Jacobus (Jacob) JONK, boer, huisman, geboren circa 1770 te Edam, overleden op 21‑12‑1828 te Edam.
4.             Claas, gedoopt (RK) op 04‑01‑1787 te Edam (getuige(n): Afie Claas).
5.             Alida (Aaltje) Dirks, geboren te Volendam (zie 1 op blz. ).
6.             Nicolaas, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 16‑05‑1793 te Edam (getuige(n): Afie Claas).
7.             Cornelius, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 16‑05‑1793 te Edam (getuige(n): Gerretie Tjeerds).
8.             Trijntje, geboren te Edam, gedoopt (RK) op 15‑09‑1796 te Edam (getuige(n): Antje Claas).

Generatie III

4              Jacob DIRKS.
Gehuwd circa 1742 met
5              Gaertie TAAMS (Geertje Tijmes), geboren circa 1722 (gezindte: RK).
Uit dit huwelijk:
1.             Taams JACOBSZ, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 20‑10‑1742 te Edam (getuige(n): Grietje Taams).
2.             Aafje JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 14‑11‑1744 te Edam (getuige(n): Maartje Dirks).
3.             Welmoed JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 09‑10‑1747 te Edam (getuige(n): Trijntje Crelis).
4.             Wilhelma JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 27‑05‑1750 te Edam (getuige(n): Trijn Crelissen).
5.             Theodorus (Dirk) Jacobse BUIJS, geboren te Volendam (zie 2 op blz. ).
6.             Wilhelma JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 24‑01‑1754 te Edam (getuige(n): Trijntje Crelis).
7.             Wilburga JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 15‑10‑1755 te Edam (getuige(n): Aefje Jans).
8.             Cornelis JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 10‑05‑1758 te Edam (getuige(n): Leijsje Jans).
9.             Albricus JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 17‑07‑1764 te Edam (getuige(n): Grietje Tijmes).
10.           Tijmen JACOBS, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 11‑07‑1770 te Edam (getuige(n): Maartje Claas).

6              Claas CRELISZ.
Gehuwd met
7              Neeltje CRELIS.
Uit dit huwelijk:
1.             Cornelius CLAASZ, geboren te Volendam, gedoopt (RK) op 03‑08‑1751 te Edam (getuige(n): Aefje Crelisz).
2.             Huibertje CLAAS, geboren te Volendam (zie 3 op blz. ).

Generatie IV

10            Taams NN.
Kinderen:
1.             Gaertie TAAMS (Geertje Tijmes), geboren circa 1722 (zie 5 op blz. ).
2.             Trijntje TIJMES.
Gehuwd op 12‑01‑1742 te Edam  met Jacob JANSE.




woensdag 25 maart 2015

Willem Smit het boefje.

Deze Willem Smit is geen familie, maar een Willem Smit die ik tegen kwam op zoek naar de Willem Smit die wel familie is. Maar ik vond het wel een aardig stukje om dat het een zicht geeft wat voor straffen er toen gegeven werden.

Vonnis                                    

In Naam des Konings.                                  

  De Arrondissements-Regbank, zitting hebbende te Amsterdam,
Derde Kamer,
regt doende in zaken van Correctionele Policie
in het Eerste ressort;
Gezien hebbende het Proces-Verbaal
van den Commissaris van Politie
van het derde kanton dezer Stad
op den  25st mei 1842 opgemaakt ten laste
van --- en de dagvaarding namens den   Officier van Justitie 
op den    Juni 1842 beteekend aan
Jan van  Raalte en Willem Smit
Gehoord de aanklagte van den Officier, tegen de voormelde


Jan van Raalte oud 13 Jaren zonder beroep
geboren en wonende te Amsterdam en
Willem Smit oud 13 jaren geboren te Amsterdam

Gehoord de mondelinge verklaringen der Getuigen, ten verzoeke
van gemelde Officier gedagvaard,
Gehoord het Requisitoir van denzelven Officier, daartoe strekkende  dat

* naar aanleiding van art 384, 381 nr4, 395, 386 nr1, 66 begin, 67
* derde alinea, 55 en 52 van het Wetboek van Strafregt als mede art 207 in verband
* met art 227, 119, 116 van het Wetboek van Strafvordering, de beklaagden
* zullen worden verklaard te hebben gehandeld met oordeel des
* onderscheids, en mitsdien zullen worden verlaard Schuldig
* aan Diefstal, met behulp van inbreken van buiten, bij nacht en
* door Twee personen gepleegd, in een bewoond huis, en zulks ge-
* pleegd met oordeel des onderscheid, en dientengevolge veroordeeld
* tot ene gevangenzetting ieder voor de tijd van 3 Jaren en
* in de kosten op ieder hunner voor het geheel te verhlen en Excutabel
* bij lijfsdwang; met bevel dat de stukken van overtuiging in dezen aan
* den daarop regt hebbende zullen worden terug gegeven






















De vereischten der Wet in acht genomen zijnde;
Gezien art 384, 381 nr4, 395, 386 nr1, 66 begin, 67  derde alinea,
 55 en 52 van het Wetboek van Strafregt gelet op  art 207
in verband  met art 227, 119, 116 van dat Strafwetboek

Art 384
* Met dwangarbeid met eenen tijd zal gestraft worden, al wie Schuldig
* is aan dieverijen, gepleegd met behulp van eenige middelen bij het 4de
* mummer van art 381 vermeld, schoon zelfs het breken, beklimmen en het
* gebruiken van de valsche sleutels plaats gehad mogt hebben, in gebouwen
* perken of omschuttingen, die niet tot bewoning dienen, en tot geene
* bewoonde huizen behooren en wanneer ook het breken niet dan
* binnens muur geschied mogt zijn.

Art 381 nr 4
* Dat zij de misdaad begaan hebben, het zij met behulp van inbreken van
* buiten, of van inklimming of van valsche sleutels, in een huis, appartement
* kamer of woonplaats, die bewoond worden, of die tot bewoning
* dienen, of in deszelven aan hoorigheden enz.
Art 386 nr 1
* Met het tuchthuis zal gestraft worden, al wie zich schuldig gemaakt
* heeft aan dieverijen, in een der navolgende gevallen gepllegd
* 1e Ingeval de dieverij bij nacht, of door 2 of meer personen gepleegd
* is, of zoo zij gepleegd is, met slechts eene van deze twee omstan-
* digheden, maar tevens op eene plaats, die bewoond was of tot
* bewoning diende.
Art 66
* Wanneer de beschuldigde beneden de 16 jaar is, zal ect
Art 67 derde alinea
* Zoo het uitgemaakt is, dat hij met oordeel de onderscheids ge-
* handeld heeft, zullen de straffen uitgewezen worden als volgt
* Indien hij in de straf van dwangarbeid voor een tijd of in
* die van het tuchthuis vervallen is, zal hij tot gevangen zit-
* ting in een verbeterhuis veroordeeld worden, voor het die de
* op het minst  en voor de helft op het hoogst, van den tijd. Was
* voor hij tot een dezer straffen had mogen veroordeeld worden.

Welke artikelen door de President zijn voorgelezen
Overwegende dat uit de be√ędigde verklaringen van
Twee getuigen, en de volledige bekentenis der beide
beklaagden wettiglijk en voldoende is bewezen, dat zij
zich in den avond van den 24 mei jl, omstreeks 10 uren
in de Halssteeg alhier, hebben schuldig gemaakt, aan het
bedrieglijk wegnemen van Drie petten, door middel van
het breken van een glasruit uit eenen  pettenwinkel
toebehorende aan den getuige Anth Bern. Brandt
Overwegende, dat de beiden beklaagden Dertien jaren
oud zijnde, overtuigend doen blijken, de daad te hebben
gepleegt, met oordeel des onderscheid
Overwegende dat zoo danig feit moet gequalificeerd worden
als diefstal door middel van braak, bij nacht, in een be-
woond huis, en zulks gepleegd met oordeel des onderscheids
Verklaart de beklaagden Jan van Raalten en
Willem Smit schuldig aan bovengemelde misdaad
Veroordeelt de alzoo schuldig verklaarden, tot eene
gevangen zetting in een huis van correctie ieder
den tijd van Dertig maanden, en in de kosten
van het proces, ieder in Solidum, invoerbaar bij lijfs-
dwang  En
Gelast dat de stukken van overtuiging aan de Eige-
naar, of regt hebbende zullen worden teruggegeven
Gewezen bij deRegtbank voorn. Derde Kamer
den vijtienden Junij 1842, door de Heeren Mr.
A. Backer jr. fungerend President, A.E. Penning
en F.L.H.J. Bosch van Drakenstein regters bij
die Regtbank en in het openbaar uitgesproken in tegen-
woordigheid van gezegde Heeren Regters, van Mr.
J. Messchert van Vollenhoven sub. Ofocier en
van Mr. D.A. Portielje PLaatsverv. Regter als
gecomm. Waarnemend Griffier
Waarna de ondertekening van de Heren volgt.